Indonesië

Informatie- en nieuwsforum over Indonesië en Nederlands-Indië
 
IndexKalenderFAQRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Indiëveteranen: herdenken is erkennen

Ga naar beneden 
AuteurBericht
wu

avatar

Aantal berichten : 6613
Registratiedatum : 08-12-08

BerichtOnderwerp: Indiëveteranen: herdenken is erkennen   vr 4 sep 2015 - 11:53



02-09-2015
Beetsterzwaag

Indiëveteranen: herdenken is erkennen

De plechtigheid in Leeuwarden hadden ze nooit eerder bijgewoond. Geen behoefte aan, liever denken ze niet terug aan die tijd. Maar dat valt zo langzamerhand niet langer vol te houden. Vorige week gingen de drie oud-Indiëgangers op uitnodiging van burgemeester Ellen van Selm toch mee naar de jaarlijkse Friese herdenking bij het Indiëmonument.

De 87-jarige Johannes Nijenhuis uit Gorredijk en de even oude Pieter Paulusma uit Boornbergum probeerden een leven lang hun ervaringen in Nederlands-Indië voor zich te houden. Ook de 78-jarige Matthie Bos uit Langezwaag kijkt onwillig terug op zijn militaire verblijf in Nederlands-Nieuw-Guinea. Maar vergeten lukt niet. Hoe ouder de drie veteranen worden, hoe sterker de herinneringen zich opdringen. Een verschijnsel waar veel oud-Indiëgangers mee kampen.

De oud-strijders uit Opsterland, Ooststellingwerf en Weststellingwerf legden vorige week namens hun eigen gemeente bij het provinciale Indiëmonument een krans voor de 168 Friese wapenbroeders die tijdens de onafhankelijkheidsoorlog van Indonesië de dood vonden. Een symbolisch gebaar. Maar voor de Opsterlandse overlevenden lijkt de symboliek verder te gaan dan louter eerbetoon. Hoe ze persoonlijk ook terugkijken op hun aandeel in dit weggestopte hoofdstuk van de Nederlandse geschiedenis, zij waren erbij. Dat valt niet te ontkennen. Hun ervaringen in de ‘Oost’ hebben hun latere levens getekend, bij de een sterker dan bij de ander. Aan de behoefte om erkenning, in de eerste plaats door henzelf, geven zij nu lucht. Of zij er wat mee opschieten, weten ze niet. Maar alle drie zijn na afloop blij de plechtigheid in het Rengerspark te hebben meegemaakt, de herdenking heeft hun opgekropte gevoelens rechtgedaan.

“Opsterland is ook volgend jaar bij de herdenking aanwezig”, zegt burgemeester Van Selm op de terugreis. “Bij veel Indiëveteranen ontstaat op latere leeftijd de behoefte om hun ervaringen te kunnen uiten, de gemeente wil hen daarbij helpen. De veteranen maken zelf uit of ze willen meedoen of niet. Wij bieden slechts de gelegenheid.” Bij leven en welzijn zijn Pieter Paulusma en Johannes Nijenhuis volgend jaar opnieuw van de partij, Matthie Bos houdt een slag om de arm. “Hij wil zich nooit al op voorhand binden”, verklaart zijn vrouw glimlachend.

Pieter Paulusma (87), Boornbergum
“Amper twintig ging ik in 1949 als dienstplichtige naar Indië, na de tweede politionele actie. Ook al gold toen officieel de wapenstilstand, in die tijd vielen de meeste doden. Vooraf had ik gehoord van dienstweigeraars, zij kregen drie jaar gevangenisstraf in Veenhuizen, maar weigeren kwam niet bij me op. Ik ben opgegroeid in christelijke kring, de overheid diende je te gehoorzamen. Daar heeft de regering destijds gebruik van gemaakt, pure indoctrinatie, maar zo dacht ik er pas later over. Mijn vader bracht me achterop de fiets naar de bushalte. Hij moet ook zijn twijfels hebben gehad, want vlak voor mijn vertrek begon hij ineens over dienstweigeren. Toen kon ik naar mijn idee niet meer terug.”

“Ik heb last van angstdromen, dat verergert met het ouder worden. In Indië ben ik viermaal aan de dood ontsnapt. Een keer ging een kogel van een sluipschutter rakelings langs me heen. ‘Die vent moet leren schieten’, zeg je dan stoer; pas later realiseer je je de dommigheid van zo’n opmerking. Een andere keer lieten ze me achter midden in vijandelijk gebied omdat mijn motor een lekke band had. Hulp zou na een paar uur komen. Dan zit je moederziel alleen in de jungle met al die geluiden om je heen. Ik ben nog nooit zo bang geweest. Als de ongeregelde guerrillastrijders me te pakken kregen, zouden ze de meest verschrikkelijke dingen met me uithalen. Ik heb me tegen een boom laten zakken en heb al die tijd de Bren-mitrailleur tussen mijn knieën gehouden, op mezelf gericht.”

Johannes Nijenhuis (87), Gorredijk
“Ik ben van origine een Drent, opgegroeid in Koekange. Indië kende ik van de schoolplaten, de politieke gang van zaken ging aan ons dorp voorbij. Als dienstplichtigen zouden we ‘orde en rust’ gaan brengen in de kolonie, zo werd ons van hogerhand verteld. Nou, daar kwam geen sodemieter van terecht. We zijn gebruikt door het grootkapitaal; Nederland wilde na de Tweede Wereldoorlog zijn belangen in Indië veiligstellen en daar hadden ze ons voor nodig. Maar goed, dat is allemaal achterafpraat.”

“In 1949 scheepten we in vanaf de kade van IJmuiden, een beetje bedrukt over wat ons te wachten stond. Maar ook met zin in het avontuur, wat wil je met knapen van nauwelijks twintig jaar. ‘Mannen, jullie zijn van nu af aan meerderjarig, hier even tekenen graag’, kregen we op zee te horen. In het begin liep ik patrouilles op West-Java, dat was niet zonder gevaar. Later kreeg ik een administratieve functie bij de KNIL op Madoera; moordend heet en door de gebrekkige hygiënische toestanden liep je allerlei ziekten op. De kameraadschap sleept je erdoorheen, van mijn peloton zijn gelukkig geen mensen omgekomen. Wél een jongen uit het dorp; leg dat bij terugkeer maar eens uit aan de ouders.”

“Weer thuis vond ik bij mijn vroegere vrienden geen aansluiting meer. Ik had van alles beleefd, maar kon het aan niemand kwijt. Je kon maar beter je mond houden en weer aan het werk gaan, kreeg je te verstaan. Maar mijn baan was vergeven aan een ander. Op zoek naar werk kwam ik uiteindelijk in Gorredijk terecht.”

Matthie Bos (78), Langezwaag
“Ik zat bij de mariniers en werd in 1961 naar de westkust van Nederlands-Nieuw-Guinea gestuurd. Wij waren de marionetten in een cynisch spel op het politieke wereldtoneel. Het inmiddels onafhankelijke Indonesië claimde ook het West-Papoea-deel van Nieuw-Guinea en voerde daar landingen uit, vanuit zee en met parachutisten. Een volkomen zinloze onderneming in het onbegaanbare gebied. Het kostte ons telkens twee dagen varen om buitenom op de plek van de aanval te komen en tegen die tijd kwamen de Indonesiërs al uit zichzelf uit de jungle teruglopen, verzwakt door honger en dorst. Maar zo hield Soekarno de druk erop, totdat het halsstarrige Nederland wel moest toegeven aan de eisen van Amerika en de Verenigde Naties om de kolonie op te geven.”

“Het speet me nog het meest voor de Papoea-bevolking. Hun manier van overleven in de natuur is kapotgemaakt. Van die broze samenleving bleef niets over. Ik ben later ook nooit meer teruggegaan, ik wil het niet zien.”

sa24.nl
Terug naar boven Ga naar beneden
http://indonesie.actieforum.com
 
Indiëveteranen: herdenken is erkennen
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1
 Soortgelijke onderwerpen
-
» Indiëveteranen willen ook excuses Indonesië
» 'Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945-1950' in bronbeek (febr.'15 / jan. '16)
» Indiëherdenking De Haag, 15 augustus 2013
» De Njai: de slavinnen van Indië
» De trommelaar: Boek over Belgen in KNIL

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Indonesië :: Berichten :: Geschiedenis-
Ga naar: