Indonesië

Informatie- en nieuwsforum over Indonesië en Nederlands-Indië
 
IndexKalenderFAQRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Maleise woorden van Portugese oorsprong

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
wu

avatar

Aantal berichten : 6613
Registratiedatum : 08-12-08

BerichtOnderwerp: Maleise woorden van Portugese oorsprong   di 12 jan 2010 - 10:06

Op bezoek bij de familie Moradores


Als we het eertijds in Indië hadden over tempo doeloe of over de goede oude tijd, zei men wel eens: Dat is zo oud als de Compagnie. Was het nog ouder, dan dateerde het uit de Portugese tijd. Maar het alleroudste was toch wel de 'djaman Boeddha', zoals men de Hindoe-Javaanse periode noemde.

Wij gaan vandaag niet verder terug dan het Portugese tijdvak. Menigeen denkt dan meteen aan de 'Portugese Buitenkerk', die met Oudejaar placht vol te lopen. Kerkelijken en onkerkelijken stroomden dan per auto of per extra-tram naar de Benedenstad van Oud Batavia om er te genieten van de toverachtige, maar warme kaarsverlichting, en ook wel van de preek. Toch was er één bezwaar: de Buitenkerk was Protestants en de Portugezen Rooms. Hoe zat dat in elkaar?

Het wonderbaarlijkste is, dat de echte Portugezen feitelijk nooit op een der grote Soenda-eilanden nederzettingen hebben gehad. De enige Portugese kolonies in de buurt waren: de Molukken, tot 1603; Malakka, van 1511 tot 1643, en Timor, tot voor kort.

Toch hebben de Lusitaniërs in de tegenwoordige officiële taal der Republiek Indonesia duidelijke sporen achter gelaten. Die Portugese woorden in het Maleis zullen langs twee wegen zijn binnengedrongen:

In Malakka, dat de Portugezen 130 jaar bezeten hebben (van 1511-1641) en waar nú nog wat Portugees gesproken wordt, was het Maleis reeds vóór de komst der Europeanen de algemene handelstaal. Nu hadden de Portugezen, in tegenstelling tot de Nederlanders, de gewoonte om hun taal aan de inboorlingen op te leggen. Dat doen ze in de hun overgebleven koloniën nog steeds. Alle inwoners, van welk ras ook, worden als Portugezen beschouwd en worden geacht Portugees te spreken. Dit bevordert niet slechts de kennis en verspreiding van die taal, doch maakt ook dat sommige Portugese woorden in het Maleis zijn blijven hangen.

Een ander nauw contact tussen Portugees- en Maleis-sprekenden vond plaats in de Nederlandse stad bij uitmuntendheid:
Batavia. De Compagnie had nl. uit door haar in Voor-Indië veroverde Portugese koloniën veel blijvers naar Batavia doen verhuizen. Deze blijvers of moradores werden Mardijkers genoemd en zij spraken Portugees. Pas in het begin dezer eeuw is dat Portugees in Batavia's omstreken uitgestorven. Van Rooms-Katholiek werden die Mardijkers Protestant - vandaar de voor hen gebouwde Buitenkerk - doch hun taal bleven ze hardnekkig nog enige eeuwen lang aanhouden. Ook van hen hebben de Maleiers natuurlijk heel wat Portugese woorden geleerd.

Als wij die overgenomen Portugese woorden eens bekijken dan blijkt ons, dat het bijna allemaal zelfstandige naamwoorden zijn die zaken aanduiden, vroeger bij de inheemsen onbekend. Natuurlijk kan het wel eens voorkomen dat voor een reeds bekend ding, zoals een stoel, een niet-Portugees woord als kerosi in gebruik was, doch met het Portugese cadeira (familie van ons katheder) heeft men allicht een bijzonder soort stoel willen aanduiden, nl. Portugese stoelen met hoge ruggen, leren zittingen en grote koperen spijkers.

We zullen nu zien dat de Portugezen de Maleiers met tal van nieuwe dingen bekend maakten en hun daarvoor ook de Portugese woorden leerden. Het zijn meestal zaken op het gebied van bestuur, de weermacht, het Christelijk geloof, de woning, meubelen, kledij, voedsel, gereedschappen enz.

Thans volgt een beredeneerde opsomming van Portugese woorden in het Maleis, waarbij achter ieder woord het Portugese origineel staat. Men bedenke echter, dat sommige dier Portugese indringers niet algemeen in het Maleis zijn opgenomen. Enkele zullen slechts in enkele Maleise taalgebieden voorkomen. Daarom geef ik voor deze zeldzame 'Portugezen' dan nog de Nederlandse vertaling.


We beginnen met het bestuur én weermacht.
Immers, de Portugezen waren echte vechtersbazen en beschouwden zich zelf stuk voor stuk als soldaat. Aan het hoofd stond de kaptén mor (capitâno maior). De Maleissprekenden gaven later die titel soms aan onze gouverneurs-generaal, dus zij noemden de stichter van Batavia: kaptén mor Djangkoeng.. De Portugezen plachten die kapiteinstitel ook wel aan inheemsen te verlenen, zodat we in de 16e en 17e eeuw op Amboina een kaptén Hitoe ontmoeten.
Onder de kaptén mor stonden zijn officieren, bijv. de kornél (coronél), de alpérés (alféres, vaandrig) en helemaal onderaan de serdadoe (soldado).
Gewapend met istinggar (espingarda, geweer) voorzien van murang (morrâo, lont) en peloeroe of plor (pellouro) streden zij tegen de Moer (Mouro of Moslims), of tegen de Belanda's (Hollandés), stonden op gardoe (guarda, wacht) bij de bendéra (bandéira, vlag), die wapperde op de baloearti's (baluarte, bolwerk) of op de armada (armada), met hun talrijke meriam's.
Dit laatste woord is wel een heel vreemde erfenis der orang Portugis (Portuguéz). Deze hadden namelijk de gewoonte om hun geduchte kanonnen naar vreedzame Katholieke heiligen te dopen, bijv. naar de H. Maagd Maria, in het Maleis: Meriam. Daardoor raakten de inheemsen er aan gewend èlk stuk geschut een meriam te noemen.

Na de Staat, de Kerk.
Iedere Portugese kolonie pronkte met een fraaie gerédja (igreja), waar ná hari Saptoe (Sabbado) op hari Minggoe (Domingo) de gelovigen kwamen voor de H. Mis, maar ook om er hun kroost voor de baptisan (baptismo, doop) aan te bieden, de beelden der santo's en santa's (santo, santa, heilige) te bewonderen, bijv. van Sinjokelas (St. Nicolaas) of te luisteren naar de preek van de padri (padre) op de poelpito (pulpito, preekstoel). Vooral op hari pésta (festa) was de toeloop groter dan anders: op hari Natal (Natal, kerstfeest), Paska (Páscoa, Pasen) of Pentekosta (Pentecosta, Pinksteren). Ook onderwezen de padri's op de sekolah (escola) de leergierige jeugd in het gebruik van penna (penna), tinta (tinta) en kertas (carta, brief) en boezemden hun eerbied in voor de Papa (Papa) in het verre Roem (Roma).

Nu gaan we onze opwachting maken bij senjur of sinjo (senhor) Nunes Manuel Lusitano de Moradores en zijn lieftallige echtgenote, njora (senhora) Maria Gracinda de Leitão Coelho. Al zijn ze niet buitensporig rijk, toch voelen beide zich als een echte hidalgo of hidalga (edelman of edelvrouwe). Daarom liet hij ons in zijn keréta (carreta) met vier roda's (roda) naar zijn huis in een stille roea (rua, straat) brengen. Dit bezit een berendah (varanda, voorgalerij) en djendéla's (janella) van gevlochten bamboe. Bij de bouw heeft men de martil vaak gebruikt, bij het onderhoud zijn, onder toezicht van de strenge mandoer (mandador), toeala of taola (toalha) en saboen (sabâo) te pas gekomen. Onze Sinjo is ook pétor (feitór, ambtenaar) en verkeert 's morgens in de lodji (loja, kantoor), waar de lélangs (leilão) regelmatig plaats vinden, wat hem menig réjal (real, daalder) opbrengt.

Thans is hij enkel onze gastheer, neemt met een hoffelijk gebaar onze tjapit, tje-piau of topi (chapeu) in ontvangst en verwelkomt ons in zijn nederige woning, die antéro (inteiro) tot onze beschikking staat! Natuurlijk weigeren we allerbeleefdst - zij is in té goede handen! - en hebben gelegenheid zijn feestkledij te bewonderen. Hij draagt niettegenstaande de hitte een jas van beledoe of belederoe (veludo, fluweel), waaruit de blanke kamédja (camisa) net te voorschijn steekt. Zijn echtvriendin pronkt met een rijkdom aan pita (fita, lint) en renda (kant), door peniti's (alfinete) op hun plaats gehouden. Zij zouden geen echte Portugezen zijn zonder schoeisel, hij met glimmende sepatoe's (sapato), zij met geborduurde tjenéla's (chinela).

Thans betreden wij de koele binnengalerij, versierd met pigoré's (figura). Sinjo Nunes offreert ons een seroetoe (charuto), welk woord wij thans tot 'strootje' plegen te verbasteren. Of prefereren wij een pipa (pipa), gestopt met geurige tembakau (tobacco)? Ter verfrissing staat een piala (fiala, flacon) met limoen (limão) gereed. Dan nemen we plaats op de statige kadeira's (cadeira) rondom de médja (mesa) voor de jantár (jantar, middagmaal). De sepén (despensa, provisiekamer) heeft al zijn schatten moeten afstaan: gebraden terwéloe (coelho, konijn) die we later kelintji (van: konijntje) zullen noemen, met kaldo (caldo, bouillon). Als groenten dient selada (salada, sla).
Verder brood van terigoe (trigo, tarwe) met mentéga (mantéiga) en kédjoe (queijo). Bij het dessert kwé bolu (bolo, koek).
De kostbare zilveren garpoe (garfo) komen uit de lemari (armario).
Tijdens en na de maaltijd kort men de tijd met palaver of setori (historia). Door al dit gepraat vergeet men de témpo (tempo) en voor men het weet kondigt de erlodji of ajerlodji (relógio) het uur van scheiden aan. Trouwens, de lampu (lampada) en de lantéra's (lanterna) worden al aangestoken. De kinderen moeten naar bed, de tijd van dangsa (dança) is voorbij. Baboe brengt de kleine noni naar bed onder de ténda (tenda, tent is dus: klamboe). Bola (bola) en bonéka (boneca, pop) worden vaarwel gezegd. En wat zingt de baboe? Wat zou het anders zijn dan het nóg niet uitgestorven:
Nina, nina bobo! (Slaap, kindje, slaap!)



uit: Wonderlijke verhalen uit de Indische historie
Dr. H.J. de Graaf
1e druk, 1981
Terug naar boven Go down
http://indonesie.actieforum.com
OmSid



Aantal berichten : 861
Registratiedatum : 08-01-09
Woonplaats : Negeri Kincir Angin

BerichtOnderwerp: Re: Maleise woorden van Portugese oorsprong   di 12 jan 2010 - 10:57

De Portugezen en de Spanjaarden hadden via een verdrag met Nederland(VOC) hun kolonie niet verder uitgebreid in de archipel.

Moet mijn boekoe pinter even doorbladeren Embarassed

Vergeet ook niet de rol van De Mardijkers (Mahardhika) , de vrijgelaten Portugese slaven, afkomstig uit de streekkusten van Coromandel en India .
GOA was toen de " Batavia" van de Portugesen geweest.
Waar Van Linschoten uit Haarlem zijn kennis van de specerijenroute naar de Molluken gad opgedaan , later opgevuld met de kennis van Cornelis de Houtman .
De eerste bekende bedrijfspion in Lissabon , uitgestuurd door de Amsterdamse kooplieden

Hun nakomelingen waren de Orang Tugu (Toegoenesen) , in de eerste tientallen jaren of eeuw van de aanwezigheid van VOC was de Portugese taal de taal van de Batavianen .
Dat is ook de reden waarom het in de Petjoh kwam , later verwerkt in de Maleis zoals de Nederlanders het kennen.
Terug naar boven Go down
wu

avatar

Aantal berichten : 6613
Registratiedatum : 08-12-08

BerichtOnderwerp: Re: Maleise woorden van Portugese oorsprong   wo 13 jan 2010 - 21:58

In de Minahasa gebruiken ze ook veel woorden van Portugese oorsprong

tuturuga bijvoorbeeld (van tataruga) -----> bulang pake payong tuturuga batolor Wink
Terug naar boven Go down
http://indonesie.actieforum.com
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Maleise woorden van Portugese oorsprong   

Terug naar boven Go down
 
Maleise woorden van Portugese oorsprong
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1
 Soortgelijke onderwerpen
-
» Maleise woorden van Portugese oorsprong

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Indonesië :: Diversen :: Verhalen-
Ga naar: