Indonesië

Informatie- en nieuwsforum over Indonesië en Nederlands-Indië
 
IndexKalenderFAQRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Henri R. Cingoor

avatar

Aantal berichten : 2312
Registratiedatum : 04-01-09
Woonplaats : Op de oevers van de Kali Brantas

BerichtOnderwerp: Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.   vr 19 feb 2010 - 11:56

Bronnen: Babad Tanah Jawi


Een Javaanse kroniek over het Beleg van Batavia circa 1629, zoals verhaald in de Babad Tanah Jawi – de Javaanse Rijkskronieken en vrij bewerkt door ondergetekende, zonder echter afbreuk te willen doen aan de historische waarde van de Babad Tanah Jawi.


Prins Mandoera-Rejah werd aangesproken door de Sultan Agung, heerser over het rijk van Mataram en kreeg het bevel: Prins ga jij ’s even heel snel naar Batavia, dat nu door die Hollanders is bezet. Neem hun Batavia af en verdrijf de Hollanders hupsakee een twee drie (maar dan in de toen gangbare Javaanse taal natuurlijk) de zee in. Maar hou het netjes en maak er geen bende van. En nu opschieten, want je zit je toch maar een beetje te vervelen hier.

Nah, dat was een kolfje naar de hand van de prins, want hij was jong en krijgshaftig en wilde zich zelf maar al te graag bewijzen omdat ie een oogje had op één der dochters van de Agung.

De gerobaks met pijlen en bogen en speren en proviand voor al het krijgsvolk werden ingeladen, het voetvolk in de brandende zon en de prins voorop in zijn draagstoel met een bungkusan met eten voor onderweg naast zich meegekregen van zijn mama en zo trok het leger inklusief toebehoren zoals hofnarren, danseressen, gamelan orkesten noem maar op, op naar Batavia.

(Veel verschil met de historische krijgstochten in Europa was er niet, want ook toen trok met het leger van alles mee, teneinde een stukje brood te verdienen.)

De Javanen uit het aan te vallen Westjavaans gebied zagen het enorme leger aankomen en onderwierpen zich maar meteen aan de Prins. Liever brood als dood, dachten zij.

Slechts een handvol garnizoensoldaten van de Compagnie bleven over in het belegerde fort.

De prins – niet luisterend naar het bevel van de Agung om niet zo wild te keer te gaan - ging maar meteen in de aanval zonder boe of ba of trompetgeschal en diesmeer, maar kreeg het niet voor elkaar om enige schade toe te brengen, aangezien het een nogal vrij stevig fort was en de prins nog weinig ervaring had.

“Attenooie”, dacht ie nog. “Die muren van dat fort zijn gemaakt van weet ik veel wat voor spul, maar gedek of hout of bamboe is het zeker niet. Payah dese.” (Dat was vroeger al een bekende uitdrukking).


Kanonnen en granaten werden inmiddels door de VOC in stelling gebracht en het was schieten geblazen op het leger van de Prins en het leger van de Prins schoot terug met pijlen en een enkele musket en speren werden geworpen en over en weer sneuvelden VOC soldaten en soldaten van de Prins.

“Ach” en “auw” en “aduh ampun” klonk het alom als er weer een VOC soldaat van de bres met een speer in de borst getroffen naar beneden viel of als een Javaanse soldaat een stukje lood in zijn lijf kreeg en ter aarde neerzeeg.

En de gongslagers van het leger van de prins zaten driftig te trommelen op de gongs en het meereizend volk zat op de achtergrond van het strijdgewoel mee te joelen en er werden onderlinge weddenschappen afgesloten wie er zou winnen en sommige gingen “keplek” spelen en weer anderen zaten gewoon niets te doen en enkel te kijken en de rode kruis gerobak had het druk, kortom het was een levendig gedoe daar.


Enfin, de kogels in het fort raakten op en de Hollanders laadden hun kanonnen met drek en etensresten en beschoten het leger van de Prins met deze rotzooi en vele geraakte Javaanse soldaten kotsten de longen uit hun lijf vanwege die smerige rotzooi. En de Prins zelf was natuurlijk ook geraakt en spoedde zich naar de rivier om zich te wassen en om even uit te rusten en te vissen, want dan kon ie beter nadenken.

En zo ontstond voor een ogenblik een wapenstilstand, aangezien beide partijen aan het nadenken waren, wat de volgende stappen zouden moeten zijn.

Maar wat was er in de tussentijd gebeurd?

Panembahan (=vorst) Poerbaja (één der raadslieden van de Agung) kreeg namelijk opdracht van de Agung om ’s poolshoogte te nemen en de jonge Prins te temperen in zijn vechtlust en het hele gebeuren met zijn ervaring en wijsheid maar eens moest oplossen en aldus gehoorzaamde de panembahan.

De prins, uitrustend bij de rivier zag, tot zijn verbazing Panembahan Poerbaja de fortmuren naderen waar hij wat aan guna guna demonstraties deed en tot schrik van de Hollanders viel er zomaar een bres in de dikke walmuren en de panembahan liet de VOC soldaten daarmee een staaltje van zijn magische kunsten zien met de bedoeling om daarmee te benadrukken, dat ze niet al te licht over de Agung van Mataram moesten denken, maar dat er eigenlijk best wel te praten viel.

Enfin, de panembahan en de fortcommandant ontmoetten elkaar, babbelden wat gewichtig met behulp van een tolk, net afgestudeerd aan de universiteit, dronken gezamenlijk een glas towak en de heren trokken even later weer elk naar hun kampement terug.

Hierna trok de vorst terug naar het Rijk van Mataram, nadat de prins nog wel even een lange neus had getrokken naar de verbleekte Hollanders, die nog na zaten te bibberen.
De panembahan zag dit echter en gaf de prins en passant nog een jitak op zijn kop.

De hofnarren natuurlijk ook nog een beetje gek doen op dat grasveld voor die muren en het Javaanse leger joelen en lachen en schreeuwen: ”He wong londo licik”. (Laffe hollanders.) En er deden zelfs nog een paar Javaanse soldaten de Jaran Ketoprak dans.

En zo bleef de prins achter op het slagveld met zijn leger in afwachting van nadere berichten van de panembahan (hij had uitdrukkelijk orders gekregen om af te wachten en om niet meer zo onbesuisd te keer te gaan) en maar feestvieren en verkopers van allerlei lekkers hadden al snel stalletjes met etenswaren klaar gezet en de Hollanders helemaal kalang kibut (in de war), want ze wisten niet wat er verder zou gebeuren.

En ze roken al die lekkere koekjes en lekker eten zoals bakso, bami goreng, nasi goreng, gado gado, pecil, sate ayam, ketela goreng, tape ketan en vers fruit en kroepoek en emping en kregen honger maar dorsten niet buiten de muren te komen en een paar soldaten wierpen wat dukaten uit die tijd naar beneden naar de verkopers om wat lekkers te kopen en dat werd weer in een rantang naar boven gehesen. Maar ja, die soldaten waren natuurlijk niet gewend aan de smaak en de sambel en de petis en de terasi, dus meteen mencret natuurlijk.

Enfin, de panembahan deed zijn rentree bij de Agung, deed zijn honderden sembahs voor de Agung en sprak: “Sire (of Hoogheid of wat dan ook destijds gebruikelijk was), eh die Hollanders zijn hier slechts gekomen om handel te drijven, zeiden zij, dus het lijkt mij het beste ze maar met rust te laten voor een poosje en de boel even aan te kijken.”


De Agung dacht ’s even na en zei: “Je hebt gelijk Oom. Het is vast Allah’s wil dat die Hollanders later mijn nazaten zullen helpen en bijstaan in hun strijd (tegen wie dan ook). Ik wilde ze een beetje de stuipen op het lijf jagen, meer niet. Wist ik veel, dat die onbesuisde prins er een potje van zou maken. Ik zal ze wel met rust laten. Goed, ga maar terug en de prins maak je dood, want die is onbesuisd te werk gegaan (zo makkelijk ging dat toen ook al dat kopje kleiner maken) en maak je excuses bij de Hollanders voor het gedrag van de Prins. Ik schaam me diep voor die knul.

Oh, en ga ook maar ’s meteen even langs die dochter van me en vertel het haar, dat ze maar een andere prins moet zoeken, voordat je vertrekt.”

De Prinses natuurlijk na het horen van het nieuws van de op stapel zijnde executie van d’r vriendje aan het huilen geslagen, maar dat waren slechts krokodillentraantjes want nog geen minuten daarna, was ze al weer bezig te lonken.

Uiteraard volgde Panembahan Poerbaja de bevelen van de Agung op, hij ging terug, doodde de prins en bracht de Hollanders kostbare geschenken over namens de Agung en zo eindigde het beleg van Batavia in 1629 door de grote Agung van Mataram.

En toen de VOC het ook al zo machtige rijk van Banten precies 10 jaren later in 1639 tot vrede dwong, kwam dat alleen maar, omdat de sultan van Banten helemaal niet wilde vechten maar slechts zomaar voor de lol een schijngevecht wilde houden met de VOC.

Aldus deze laatste alinea volgens de kronieken van Banten. (Katanya).

Volgende keer meer.
Terug naar boven Go down
http://www.imexbo.nl
wu

avatar

Aantal berichten : 6613
Registratiedatum : 08-12-08

BerichtOnderwerp: Re: Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.   za 27 feb 2010 - 18:47

duimenop yes!
Terug naar boven Go down
http://indonesie.actieforum.com
ElEl

avatar

Aantal berichten : 7528
Registratiedatum : 08-12-08

BerichtOnderwerp: Re: Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.   za 27 feb 2010 - 23:20

duimenop duimenop
Terug naar boven Go down
http://www.tileng.nl
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.   

Terug naar boven Go down
 
Het beleg van Batavia 1629 volgens de Babad Tanah Jawi (Javaanse Rijkskronieken) en vrij bewerkt.
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1
 Soortgelijke onderwerpen
-
» De schat van Nakamura (Batavia 1945)
» over de VOC, de Batavia, schipbreukelingen en blonde inheemsen...
» Jan Pieterszoon Coen (1587-1629)
» Indonesië geeft onroerend goed vrij voor buitenlanders
» Javaanse kleine kantjil geboren in Artis

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Indonesië :: Diversen :: Verhalen-
Ga naar: