Indonesië

Informatie- en nieuwsforum over Indonesië en Nederlands-Indië
 
IndexKalenderFAQRegistrerenInloggen

Deel
 

 Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel.

Ga naar beneden 
AuteurBericht
Henri R. Cingoor

Henri R. Cingoor

Aantal berichten : 2328
Registratiedatum : 04-01-09
Woonplaats : Op de oevers van de Kali Brantas

Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel. Empty
BerichtOnderwerp: Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel.   Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel. Icon_minitimedi 23 feb 2010 - 11:51

Bronnen: zie deel 1.


De plaatselijke adat.

Zoals in deel 1 vermeld, de VOC had zich nauwelijks verdiept in de plaatselijke adat van de inheemsen.

De VOC realiseerde zich dat, toen haar activiteiten zich meer en meer naar Java verplaatsten, dat het door haar ingevoerde Nederlandse Rechtsorde systeem tot botsingen zou kunnen leiden. Het Nederlandse systeem op zich zelf was al vrij ondoorgrondelijk voor de ambtenaren aldaar (die weinig tot bijna nihil waren onderlegd op dit gebied) en nu kwam de lokale adat ook om de hoek kijken, die vrij veel verschilde van al die geschreven wetten en artikelen en bepalingen etc etc.

Anders dan het latijnse "ius" maakt de plaatselijke adat geen verschil tussen wet, zeden of gewoonten en de diverse adats bestaan zodoende uit een gecompliceerd stelsel van instellingen, gebruiken en gedragsregels en de gebruiken van diverse volkeren met elk hun eigen interpretaties en variaties e.d.
De adat, waar dan ook in Indië, hebben gemeen, dat zij ontstaan zijn uit een wirwar van uiteenlopende ethische normen met betrekking tot de mensheid en het universum, waar aan de Nederlandse zijde men er slechts op uit was om orde en regelmaat in bepaalde systemen te persen.

In de grote steden of grote verzamelplaatsen van volkeren waar de VOC zetelde, was er aanvankelijk geen proleem in toepassing van het Nederlandse rechtssysteem, aangezien alle burgers (Europeaan of wat dan ook) onder dat zelfde plaatselijke systeem vielen.
(Europeanen en niet Europeanen, zolang zij maar gereformeerd waren, kregen een ander systeem als Muslims of andere "heidenen" toegepast.)

Maar, die buitengewesten en oorden, die ver van deze steden of verzamelplaatsten lagen, ja, daar begonnen de problemen pas, aangezien daar de adat heerste.

"Ingrijpen" in de lokale rechtssystemen (adat) werd dan op een bepaald moment nodig, toen in de 17de eeuw de VOC doordrong op Midden- en Oost Java.

Zij droegen als begin op aan de Pangeran Aria (en welke naam nog meer ??) van Cheribon in 1706 op om uit haar naam toezicht te houden op het regionale rechtssysteem, maar controle hierop was voor de VOC onmogelijk en daarom riep de VOC de hulp in van Javaanse rechtskundigen in, de Jaksa Pipitoe. Tenslotte stelden zij ook eigen rechtbanken op voor de lokale bevolking.
De Gewestelijke Landraad van Semarang was in 1747 het eerste college dat uit naam van de compagnie uitsluitend rechtszaken tussen "inlanders" behandelde en hiermee was de eerste stap gezet naar de aparte rechtsbehandeling van de Indonesische bevolking.

De Franse tijd bracht een vervolg op dit ingevoerde systeem door de VOC. (Begin 1800 en nog wat)
De VOC werd geinspireerd door de Franse Verlichtende Idealen en dat de "regtspleging onder inlanders" zal blijven geschieden onder hun eigen wetten. Dat was echter theorie en hoe anders zou later de praktijk blijken.

Sedert 1830 was de afzonderlijke rechtspraak binnen het Cultuurstelsel overgelaten aan de ambtenaren van het Binnenlands Bestuur en pas in 1869 viel het besluit om de rechtsmacht op Java geleidelijk te ontkoppelen van de bestuursmacht en die scheiding kwam pas volledig in 1914 tot ontplooing. !!!

Toen pas kregen echte juristen ook de politierechtspraak over de inheemse bevolking in handen en in sommige buitengewesten werd dit helemaal niet tot toepassing gebracht.

In 1850 was de gapende kloof in de rechtspraak tussen "blank en bruin" juridisch nog steeds onoverbrugbaar en het was ook de tijd dat GG J.J. Rochussen "onze dominantie in Indië " rechtvaardigde met een beroep op "adeldom van de huid" en de "zedelijke en intellectuele meerderheid van het blanke ras boven het bruine." !!!


Blinde rassenwaan, bot economisch eigenbelang of pure machtsoverwegingen waren niet altijd de voornaamste factoren in het geding; het koloniale bewind liet zich ook leiden door het verlangen de eigenheid van het (Nederlandse) volk te beschermen: Geen juristenrecht voor den Inlander, heette dat.

Toen de ethische bestuursrichting rond 1900 ontdekt werd, was een kreet gangbaar "Nederland had een ereschuld aan Indië."

Maar ethisch of niet ethisch, het rechtssysteem was en bleef ongelijk, want de jaren 1848-1854 hadden in het koloniale systeem iets nieuws gebracht wat tot het einde van het koloniale syteem voortduurde: Rechtsposities waren in beginsel afhankelijk van de kleur van de huid en het ras. !!!

Annekdote:
In de buurt van de Wisselmeren op Nieuw Guinea, was op een Koninginnedag 1959 (!!!) een feest aan de gang. Een der dorpelingen zat er echter bedroefd bij en vertelde aan andere dorpsgenoten dat hij bezeten was door bovenatuurlijke krachten en hij smeekte zijn vrienden hem te doden als de "aandoening" erger werd.
En na een paar maanden was het zover. Zijn vrouw kwam de vrienden halen om haar man te doden, aangezien zijn kwalen waren verergerd en het geschiedde ingevolge de wens.
De zaak kwam ter ore van de Nederlandse Bestuursambtenaar uit Enarotali om als alleen rechtsprekende zaak te be- en te veroordelen.
Drie maanden gevangenisstraf werd gesteld conform artikel 359 van het Wetboek van Strafrecht. De bedroefde weduwe alsmede enkele toeschouwers die niet hadden ingegrepen, kregen een "vermaan".

Verbijstering alom, want wisten die dorpelingen veel over dat Nederlandse starfrecht?
Het was toch al eeuwenlang hun "adat".


Einde.


Zomaar een vraag aan mezelf, toen ik dit plaatje zag.
Wat ging er op dat specifieke moment van de uitvoering van deze straf door de hoofden van de bestuursambtenaren links op de foto en wat door de hoofden van de toeschouwers en uitvoerders van de straf? Stel je voor dat de gestrafte familie is van de strafuitvoerders.

Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel. Straf.th



24 aug 1870 Bekasi/Batavia: 8 gevangenen, beschuldigd en schuldig bevonden aan de moord op een aantal mensen waaronder de assistent resident van Meester Cornelis, E.R.J.C. de Kuijper. Links en rechts staan nog 35 andere veroordeelden met een strop om hun nek. Hun straf werd op het laatste moment omgezet naar verbanning en dwangarbeid. De doodstraf werd in Indië veelvuldig toegepast.
Tussen 1891 en 1899 266 keren en tussen 1900 en 1911 nog 161 maal.

En de heilige waringinboom op de alun alun was getuige en 's nachts doolden de veroordeelde zielen door de takken.
Op de achtergrond enkele kale kapokbomen. (de hoge)
Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel. Straf2.th



Strafgevangenis van Bandung voor Europeanen in 1930.
Het Leger des Heils op bezoek. Wat een luxe.
De Europese gevangenen werden in de regel binnen de muren gehouden, want..... stel je voor dat de "inlanders" een blanke dwangarbeider zomaar op straat zouden zien. De koloniale hierarchie zou immers hierdoor een hele grote deuk oplopen.
Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel. Straf3.th
Terug naar boven Ga naar beneden
http://www.imexbo.nl
 
Het Rechtswezen van de VOC in begintijden en daarna. Deel 2 en tevens laatste deel.
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Indonesië :: Berichten :: Geschiedenis-
Ga naar: