Gemoederen lopen hoog op over grensconflict op zee
‘Oorlog’ tussen Indonesië en MaleisiëDoor Michel Maas
Jakarta – ‘Wij hebben 114 oorlogsschepen, zij 24, wij hebben 67 vliegtuigen, zij 18, wij hebben 243 duizend soldaten, zij 135 duizend…’
De presentatrice van het nieuws van Metro TV legt woensdag de cijfers op tafel die maar één doel hebben: het gedeukte Indonesische zelfrespect op te krikken. Maleisië met zijn 24 boten, moet uitkijken, is de boodschap.

Tussen Indonesië en het buurland Maleisië borrelt een oorlog. Als je Metro TV moet geloven, is een Indonesische invasie van Maleisië ophanden. De oorlogsstatistieken worden op de televisie al dagenlang afgewisseld met beelden van Indonesische mariniers die met landingsvaartuigen een leeg strand bestormen, beelden van parachutisten die uit een vliegtuig springen, beelden van oorlogsschepen waarop de wapens worden geladen. En zelfs beelden van een toespraak die president Soekarno in 1964 hield voor een menigte vrijwilligers die klaarstonden om tegen het perfide, neo-koloniale Maleisië te vechten.
‘Verpletter Maleisië’De tijden van die
konfrontasi van begin jaren ’60 lijken te zijn teruggekeerd. Woedende Indonesiërs demonstreren dagelijks bij de Maleisische ambassade, verbranden Maleisische vlaggen, en melden zich als vrijwilliger voor de komende oorlog. Twee kantoren van een Maleisische bank zijn zelfs bestormd door een boze menigte en tot sluiting gedwongen. De televisie wakkert dit vuurtje elke dag verder aan, en neemt zelfs Soekarno’s slogan
Ganjang Malaysia, ‘Verpletter Maleisië’ over als motto voor haar nieuwsuitzendingen.
Het arrogante Maleisië moet een lesje worden geleerd, zoveel is duidelijk. Duidelijk is ook dat de nationale trots van Indonesië is gekrenkt.
Beide landen ruzieden al vaker. Deze keer gaat de ruzie over de grens tussen Indonesië en Maleisië. Die loopt ergens op zee, maar waar precies, dat is al sinds de stichting van beide republieken omstreden.
In augustus arresteerde Maleisië drie Indonesische visserijbeambten. De Indonesiërs hadden Maleisische vissers willen arresteren, omdat die volgens hen in Indonesische wateren visten. Maar volgens de Maleisiërs opereerden de Indonesiërs in Maleisische wateren.
De Indonesische minister van Buitenlandse Zaken Marty Natalegawa regelde de vrijlating van de drie en dacht het grensconflict later aan de onderhandelingstafel op te lossen. Hij verkeek zich echter volslagen op de sentimenten van de Indonesiërs, die een diepe hekel hebben aan Maleisiërs, en een nog dieper geworteld gevoel van nationalisme. ‘De minister heeft alleen bevestigd dat wij minderwaardig zijn, en de Maleisiërs hebben getoond dat zij hooghartig zijn’, zei een ondervoorzitter van het Indonesische parlement woensdag.
De minister had woedend moeten zijn, en de Maleisiërs de les moeten lezen. In plaats daarvan zijn het de Maleisiërs die Indonesië de les leren.
De televisie citeerde de Maleisische premier en zijn minister van Buitenlandse Zaken die dreigend zouden hebben gezegd dat ‘Indonesië niet moet vergeten dat er twee miljoen Indonesiërs in Maleisië werken, en dat Maleisië belangrijke investeringen in Indonesië heeft.’
De woede van de kleine groepjes demonstranten sloeg snel over op de media, en veroorzaakte woensdag ten slotte een parlementair protest. Woensdag moest de president zich in het parlement verantwoorden. Voordat hij daarheen ging, nuttigde hij het avondeten samen met de verzamelde militaire top, wat volgens de ondervoorzitter van het parlement bewees hoe serieus hij de situatie nam. Dat deed hij: Susilo Bambang Yudhoyono wees in het parlement op de grote onderlinge economische belangen tussen beide landen, en op het belang van goede betrekkingen tussen buren. En hij beloofde vervolgens dat de zaak netjes zou worden geregeld. Na een bescheiden applaus vertrok de president weer. Er werd, zoals gebruikelijk, geen vraag gesteld. Zo iets doe je niet in Indonesië.
Peperdure wapensTijdens Yudhoyono’s toespraak bleven op televisie de landingsvaartuigen door het beeld glijden. De presentatrice vroeg haar gast in de studio: ‘Admiraal, kunnen wij deze oorlog winnen?’ De admiraal ontweek een antwoord. Cijfers zeggen duidelijk niet alles. Maleisië heeft misschien minder, maar wel gloednieuwe peperdure wapens, en bovendien heeft het een pact met onder andere Australië, Nieuw Zeeland en Singapore die te hulp zullen schieten in geval van een aanval. Dus…
Daarna schakelde het journaal terug naar het parlement waar levendig werd gediscussieerd over de bouw van een nieuw peperduur parlementsgebouw met een luxe restaurant én een massagesalon. Dat nieuws bleek later heel stiekem de eerste plaats van de oorlog te hebben overgenomen in de ‘top tien’ van nieuws items van de dag.
Volkskrant, vrijdag 3-9-2010