Indonesië

Informatie- en nieuwsforum over Indonesië en Nederlands-Indië
 
IndexRegistrerenInloggen

Deel
 

 Fietsen op Weh

Ga naar beneden 
AuteurBericht
wu

wu

Aantal berichten : 6613
Registratiedatum : 08-12-08

Fietsen op Weh Empty
BerichtOnderwerp: Fietsen op Weh   Fietsen op Weh Icon_minitimeza 30 jul 2011 - 20:04

Met pap in de benen naar Weh

Vlak is het bijna nergens in Atjeh, en zeker niet op het eiland Weh. Maar een beklimming wordt steevast beloond met adembenemende vergezichten.

Tekst : Hilde Janssen.


Fietsen op Weh Pulauw10 Google Maps

“Hi Misterrrr!” Gillend holt een groepje kinderen het erf over om naar het voorbijrijdende peloton buitenlanders te zwaaien. Ouders steken hun duimen op. Een jongetje fietst glunderend een eindje mee. Aan de rand van het havenplaatsje Balohan haakt hij af. Om de hoek begint de eerste klim op weg naar Sabang, het enige stadje van het eiland Weh, weggestopt voor de kust van Noord-Sumatra. Tientallen hellingen verderop ligt ‘kilometer nul’, het noordelijkste punt van de Indonesische archipel. Daar verrijst het land fier uit de Indische Oceaan.

“Zet hem op, in de pedalen,” roepen een paar buspassagiers bemoedigend in het voorbijgaan. Luid claxonnerend verdwijnt het voertuig uit zicht. Ineens is het doodstil. De fietsers hebben het rijk voor zich alleen. Puffend slalommen ze van links naar rechts over de brede asfaltstrook, zich een weg banend tegen de groene heuvel. Rose oleanderstruiken op de middenberm leiden de fietsers naar boven.

“Allemachtig prachtig!” Eenmaal op adem gekomen herhaalt pelotonleider Ronald Goderie (52) op de eerste bergtop de welkomstwoorden van een oude Atjeese zeeman in de haven, die hij ooit van een Nederlandse kapitein leerde. Met een filmcamera en een fles water in de aanslag verwelkomt Ronald triomfantelijk zijn rood aangelopen vriendin Mechtild en twee andere fietsers. De goedgetrainde amateurwielrenner die samen met vrienden vijf dagen fietsend Atjeh verkent, mag zelf de eerste 10 procent-helling op zijn naam schrijven.

“Die pap in de benen fietsen we er hier op Weh wel uit,” verkondigt Ronald, wijzend naar de volgende top. Zijn fietsgenoten denken met weemoed aan de gemoedelijke tocht door het vlakke land in en rondom Banda Aceh, aan de overkant van de zeestraat. Zigzaggend door de rijstvelden met de bergen als decor was het relaxed infietsen. Her en der waren groepjes boeren aan het werk. Sommigen nog druk bezig met het oogsten van de rijst, terwijl anderen met de meetlat alweer jonge rijststengels inplantten. Elk dorp telde wel een koffiehuis, dat zijn gasten voorzag van versgebakken bananen en donuts. En anders was er wel ergens een watermeloen te koop. Alleen het links rijden was even wennen.

Banda Aceh is van oudsher een handelsplaats en sultanaat. Een paar imposante oude gebouwen staan nog overeind. Andere historische panden zijn eind 2004 weggevaagd door de tsunami. Alleen al in Atjeh kostte de vloedgolf zeker 167.000 mensen het leven.

Op Weh heeft de tsunami minder sporen achtergelaten. Dankzij de steile hellingen, beseffen de fietsers, nog bijkomend van hun eerste klim. Zij hebben even geen oog voor de heuveltoppen, alleen voor het tussenliggende dal. Plat op het stuur liggend, storten ze zich als kamikazepiloten naar beneden. De benen draaien snelle rondjes. Zo lang mogelijk de vaart erin houden is het devies, dan is de volgende helling zo genomen.

De fietsers slaken een zucht van verlichting. Eindelijk genieten. Met piepende remmen duiken ze een schaduwrijke zijweg in. Aan weerszijden kokospalmen en bananenbomen. Tussen de stammen glinstert de oceaan in de middagzon.


Weinig fietsers weten de weg naar Banda Aceh en Weh te vinden. In reisgidsen en op websites van reisbureaus is de regio een witte vlek. Alleen voor duikers en snorkelaars is het bekend terrein. Onder de kenners staat het eiland te boek als een toplocatie, boordevol kleurrijke koraaltuinen en tropische vissen. Toch waagden duikers zich tot een paar jaar nauwelijks op het eiland vanwege het gewapend conflict tussen de Vrij Atjeh-rebellen en het Indonesische leger. “Nu is het absoluut veilig,” verzekert Mohamad Bachtiar, een lokale ambtenaar, die een kopje pikzwarte koffie nuttigt in een van de talrijke koffiehuizen. “De strijdbijl is begraven. Na de tsunami hebben we vrede gesloten. We hadden al te veel mensen verloren.”

De lokale overheid probeert sindsdien de toeristenindustrie nieuw leven in te blazen. In het begin trok het eiland alleen buitenlandse hulpverleners uit Banda Aceh, waaronder de Nederlandse Lieselotte Heederik. Zij bracht al toerend met vrienden de omgeving in kaart. Ze is de initiatiefnemer van Aceh Adventure, dat sinds eind vorig jaar door lokale staf is overgenomen. “Het is hier echt geweldig fietsen. Vooral op Weh: lekker rustig, mooi uitzicht en een pittig terrein.”


“Welcome in Paradise.” Lachend kijkt de Engelse toeriste Christy hoe de nieuwe gasten met de fiets nog in de hand het adembenemende uitzicht van Casa Meno in Sumur Tiga bewonderen. “Wit strand, blauwe zee, een koraaltuin voor je deur, kokosbomen en een bamboe bungalow. Wat wil je nog meer!” Het resort ligt tegen een groene helling gevleid. Een stenen trap leidt naar de bungalows, die half schuilgaan onder een tropisch bladerdak. Voorzichtig dalend wijst Christy de nieuwkomers de weg naar het strandterras. Ze heeft net haar tweede duik genomen en nu zakt ze met een glas vers mangosap onderuit in een luie stoel. Het klamme zweet afspoelen en met de benen omhoog. Daar zijn de fietsers ook wel aan toe. De hangmatten lonken. “Siëstatijd!” meldt de Nederlandse eigenaar Marcel Niels.


Het stadje Sabang ligt vier heuvels verderop, met de rug naar de oceaan, de blik naar beneden gericht op de haven in de binnenbaai. Traag slingeren de fietsers achter Ronald door de lommerrijke straten de bult op. De winkelstraat ziet er nog hetzelfde uit als op de oude prenten die in de lokale souvenirzaak worden verkocht. Alleen de grote stoomboten in de haven ontbreken, vertelt de 80-jarige Martina. Een eeuw geleden wist elk passagier- en vrachtschip feilloos de natuurlijke inham van Sabang te vinden. Hier werden kolen geladen en zoetwatercontainers gevuld. Als kind zwierf Martina graag over de kade om zich te vergapen aan de opgedirkte mensen en de uitgestalde handelswaar. Nu is ze al blij dat ze toeristen een zeilboot kan aanwijzen.


De fietsers zakken af naar de benedenstad. Vandaag staat kilometer nul op de agenda. Volgens de routebeschrijving ‘een leuke tocht voor enthousiaste fietsers met een enkele pittige klim’. Zekerheidshalve is een poets- en oliestop bij automonteur ‘Raja Doorsmeer’ ingelast. Maar ze zijn de stad nog niet uit of Mechtild hoort een vervaarlijk getik. Hulpvaardig wijzen voorbijgangers de weg naar een lokale fietsenmaker. De trapas van de mountainbike blijkt naar z’n mallemoer. Gereedschap om de as te repareren ontbreekt. Een fiets met meer dan drie versnellingen kent men niet op het eiland. De kapotte mountainbike wordt noodgedwongen vervangen door een brommer.

De baai van Sabang biedt bij elke bocht een prachtig uitzicht. De ene keer is het water turkooizegroen, dan weer hemelsblauw. Een idyllisch strandje, dobberende vissersboten, een eiland dat wordt omzoomd door witte golven. Telkens krijgen de drie fietsers en hun brommerrijdende gezel een andere tropische verrassing voorgeschoteld. “Ook pal op de weg ontdek je ineens kruidnagels, rijst, cacao- en koffiebonen,” vertelt Mechtild. Boeren drogen hun oogst bij voorkeur op het warme asfalt. Weggebruikers slalommen er gemoedelijk omheen. “Al fietsend zit je midden in het dagelijks leven en je hebt direct contact met iedereen. En je kunt meteen even op adem komen…” Want het is zwaar fietsen, zelfs voor een amateur met een goede conditie. Stijgingspercentages van 15 tot 25 procent dwingen de ploeg geregeld tot afstappen.

Bij de Monkey Mountain valt iedereen stil. ‘Lopen gaat net zo snel als fietsen, dus hou het relaxed,’ adviseert de routebeschrijving. Met een paar agressief sissende apen lukt dat niet. Zelfs met stenen, stokken en brommerclaxon zijn de brutale beesten maar moeizaam op afstand te houden. Automobilisten verwennen de apen met koekjes en nootjes, die ze via een kier van het raam naar buiten gooien. Dan rijden ze snel door naar het strand.

Fietsers hebben wat meer tijd nodig voordat ze eindelijk een duik kunnen nemen. Zeven kilometer en vier hellingen verderop wijkt het dichte, soms akelig stille bos uiteen voor een monumentaal uitzicht op de Indische Oceaan.

“De dood of de gladiolen?” Ronald weet het antwoord al. Mechtild en een andere fietser knikken instemmend. In Iboih hijsen ze de drie mountainbikes op een vissersboot; nummer vier zwaait hen zittend op de brommer uit.

Met hulp van de gemotoriseerde paardenkracht neemt zij de laatste hellingen voor haar rekening. En een foto van het nulpunt. De anderen tuffen dwars door de baai naar Sabang. “Dit is het mooie van fietsen hier,” vindt Mechtild. “Elke tocht is vol verrassingen.”


uit & thuis

De Reis.
Naar Indonesië: vliegen kan via Dubai (Garuda, Emirates), via Kuala Lumpur (o.a. KLM en Malaysia Air) of Singapore vanaf circa €700, bestemming Jakarta of Medan. Visum bij aankomst €20. Lokale vluchten naar Banda Aceh, retour vanaf €50, Garuda vanaf €120. Rechtstreekse internationale vlucht naar Banda Aceh: met Air Asia vanuit Kuala Lumpur, retour €100. Veerboot Banda Aceh – Weh, 2x per dag, reistijd 45 minuten, €6 enkele reis.

Fietstocht en verblijf.
3-4 daagse fietstocht Banda Aceh/Weh €200-€250, inclusief fiets, veerboot, verblijf en ontbijt.

Verblijf:
Banda Aceh: Hotel Jeumpa (€30) Hotel 61 (€45), hartje stad, eetgelegenheden op loopafstand, of iets verder maar luxer: hotels Oasis (€65) en Hermes (€100).
Weh: Casa Nemo, Freddies in Sumur Tiga (€23-30), Lumbalumba in Gapang (€30-40), homestay in Iboih (vanaf €10).


Alternatieve fietsroutes
Atjeh biedt genoeg variatie in locaties (strand, bergen, jungle) voor een persoonlijke combinatie van fietstochten. Aceh Adventure organiseert verschillende tochten. De Banda Aceh-Takengon-tocht is voor de relaxte fietser. Een paar dagen in en rondom Banda Aceh toeren, om het oude centrum en het tsunamigebied te bekijken, een tocht door de rijstvelden te maken en langs het strand, eventueel afgewisseld met een berg- of grotwandeling. Daarna een dag in de auto naar koffieplantages en de volgende dag een idyllische tocht rond het meer, langs vissersdorpen en rijstvelden.
Jungleliefhebbers kunnen in het befaamde Leuserpark op zoek naar orang-oetans. De Takengon-Meulaboh-tocht is voor liefhebbers van fietsen in de bergen. Voor wie na Weh nog meer steile hellingen wil, kan zich twee dagen uitleven op de Olifantenroute van het bergstadje Takengon naar de havenplaats Meulaboh, aan de westkust van Atjeh.


http://www.aceh-adventure.org/
Fietsen op Weh Aceh_a10

AD
Za 16 juli 2011
Terug naar boven Ga naar beneden
https://indonesie.actieforum.com
 
Fietsen op Weh
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Indonesië :: Reizen :: Reisinformatie-
Ga naar: